Leiderdorp 1 wint op miraculeuze wijze
geplaatst op: ma 05 oktober 2009 om: 19:07 u.
Afgelopen zaterdag 26 september stond de 1e KNSB ronde op het programma en wij speelden uit tegen Bussum 2. Het begin was niet optimaal want bij het geplande vertrek waren de broertjes van Rijn niet aanwezig. Luuk kwam uiteindelijk een kwartier te laat, terwijl broertje Giel om 11:45 uit zijn bed werd gebeld en beloofde alleen te komen.
Vanwege het feit dat de speelzaal van BSG vlakbij het station is kwamen we nog net op tijd, dwz met 7 man. Over de opstelling was nog niet teveel nagedacht, enkele mensen met een kleurvoorkeur kregen dat ook. Voorbereiden, soms het verboden woord bij Leiderdorp, kon niet of nauwelijks aangezien er in de eerste ronde nog weinig gegevens over de tegenstanders waren.
In het eerste speeluur had niemand problemen, eigenlijk had alleen Niels het zichzelf lastig gemaakt met een onnodig pionoffer tegen Tom de Ruiter. In zijn zoektocht naar compensatie bood hij een tweede pion aan en dat werd gek genoeg geweigerd.
Arjen speelde aan bord 3 tegen een van de twee vrouwen die deze dag aanwezig waren (de andere was Laura Bensdorp van Utrecht 2) en hij kwam zonder noemenswaardige problemen uit de opening. Onno had een klein plusje in een van de hoofdvarianten van de Caro-Kann en ook Marc kwam met voordeel uit de opening.
Luuk investeerde weer de nodige tijd, maar zijn tegenstander deed dit ook. Het leek er op dat deze tegenstander het Oud-Indisch voor het eerst zag want voor zetten als g3-Lg2,Dc2 en b3-Lb2 gebruikte hij tientallen minuten. Na 10 zetten hadden beide kemphanen maar liefst een uur pp bedenktijd verbruikt. Dit speelde Luuk het meest in de kaart aangezien hij dit gewend is.
Broertje Giel was inmiddels aangeschoven en had met zwart aanvankelijk helemaal niks te vrezen. De Pirc werd aangepakt met Ld3 in combinatie met c3 (na e5) en zwart had op een gegeven moment het witte centrum kunnen opblazen met ed4: en na cd4: sterk c5!
Wit moet dan op zijn tellen passen dat hij niet in het nadeel komt. Giel speelde echter het mindere d5 om na e5 Pe4 te spelen. Hij kreeg weliswaar een sterk paard maar wit bezat ontegenzeggelijk ruimteoverwicht.
Teamleider Edwin speelde aan boord 8 en kreeg een onschuldige Bird opening (1.f4). Met zetverwisseling kwamen ze in een omgekeerde Leningrader (1.d4,f5 en later g6). Wit speelde weinig ambitieus en Edwin stond al gauw ietsje beter. Een ongelukkige torenzet (Tfe8) deed de kansen al enigszins keren, maar pas na Tad8?? Was het uit vanwege het simpele Pf7:.
1-0dus en later gevolgd door 2-0 aangezien Giel snel opgerold werd.
Zelf speelde ik aan bord 1 en verwachtte daar Emile Wustefeld. Die deed dus niet mee maar zijn vervanger Theo Slisser speelde ook Konings-Indisch dus ik kreeg enigszins wat ik verwachtte.
Voorbereiden zou trouwens een groot woord zijn aangezien bijna alle witspelers de hoofdvariant van het Konings-Indisch (Pf3-Le2-0-0) spelen en ik dus Smisch. De enige variant die ik s morgens bij de koffie bekeken had met een zeldzame witte korte rochade, die kreeg ik nog op het bord ook!
Na 3 speeluren waren er weer enkele beslissingen. Niels had plotseling remise in een volgens mij nog steeds mindere stand (een remise aanbod weiger je dan natuurlijk niet), terwijl Arjen ongelukkig verloren had. Wat er precies misging op zijn bord was mij ontgaan, maar zelf hield hij het erop dat hij iets wilde forceren.
3,5-0,5 en dat zag er dus niet best uit! De verdiende aansluitingstreffer kwam uit het loopgravengevecht van Luuk. Naar verluidt ging zijn tegenstander in wederzijdse tijdnood flippen en kon hij het punt aantekenen. 3,5-1,5
Bij Onno en Marc stonden aanvankelijk gelijke stellingen op het bord, toen de tegenstander van Onno ineens een kwaliteit wegblunderde. Marc kreeg na de 40e zet te horen dat hij moest winnen.
Zelf speelde ik een interessante partij. Na 20 zetten stond ik goed en toen had ik 21.b5 moeten doen om de damevleugel open te breken. In plaats daarvan speelde ik 21.Tc2 om te vervolgen met de fijnzinnige paardmanoeuvre Pc1-Pb3-Pa5 met aanval op b7. Toen zwart echter koeltjes verder speelde op de koningsvleugel, zag ik dat Pb7: simpeltjes weerlegd zou worden met de aftrekaanval Ld7-Lg4:. Ik speelde dus maar Pc4-Pb6 om de loper op d7 te gaan ruilen.
Prachtig positioneel allemaal maar het kostte teveel tijd. Op zet 25 had zwart met Pg4:,fg4: en Lg4: een zeer gevaarlijk offer kunnen brengen. Weliswaar zou zwart dan slechts 2 pionnen voor het stuk hebben, maar de aanvalskansen zijn groot. Dit positionele offer werd trouwens door Rybka gegeven, wat indirect de positionele kracht van dit (sterkste) computerprogramma aangeeft.
Uiteindelijk offerde zwart op zet 30, maar toen was het niet meer goed. De weerlegging kostte mij echter veel tijd en voor de laatste 5 zetten had ik nog maar 20 seconden. Op zet 38 kon ik eenvoudig winnen met het simpele Dg2: (nog maar 1 pion voor het stuk), maar ik bracht eerst mijn koning in veiligheid. Twee zetten later verloor ik ineens mijn dame en moest ik verder met toren en paard tegen dame (en nog wat wederzijds materiaal).
Inmiddels was duidelijk geworden dat Onno ging winnen, maar bij Marc was het niet duidelijk hoe hij er doorheen kwam. Marc vond echter een ingenieuze doorbraak (b3-b4) en kon toen met zijn witte loper binnenkomen en winnen!
Marc toont hier de juiste mentaliteit; weliswaar leverde een slappe opening nog niks op maar door steeds zijn stelling te verbeteren en zwart tegen de muur te houden, kon hij dus toeslaan na de 40e zet. Klasse!!
Onno won zoals verwacht en toen stond het dus ineens 3,5-3,5!
Mijn partij had opnieuw een bijzondere wending genomen, want precies op zet 50 had zwart in remise moeten berusten. Ik had met toren, paard en loper een vesting opgetrokken en zwart diende nu de deur gesloten te houden. Wat vreemd was, was dat er in het laatste (6e) speeluur weinig toeschouwers waren en al helemaal geen teamleider van BSG 2!! Deze man had toch op zijn minst aan Slisser kunnen mededelen dat het 3,5-3,5 stond (of ging worden) en dat hij in ieder geval remise moest spelen. Nu nam hij teveel risico en won ik een pion. Ik had nu pion, paard en toren tegen en dame en dat was meer dan genoeg voor remise.
Toen het publiek uiteindelijk binnenstroomde ging ik er nog eens voor zitten en zodoende won ik een tweede pion en stond ik zowaar gewonnen! Opkomende tijdnood bij mijn tegenstander deed de rest en zo werd ik onverwachts matchwinnaar.
4,5-3,5 voor ons dus en dat was reden voor een uitgelaten stemming. Het etentje bij de pizzeria smaakte ons dan ook goed.
De slotconclusie is dat een goed begin het halve werk is, maar een 4-4 gelijkspel had de verhoudingen beter weergegeven. Toch kunnen die 2 matchpunten later heel belangrijk zijn.
Gert-Michiel de Niet
